zeemleer
Uiterlijk

- zeem·leer
Uit Middelnederlands seemsch(e)leder, het eerste deel ontleend aan het Franse chamois (gems) [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zeemleer | - |
| verkleinwoord | - | - |
het zeemleer o
- een fijn soort zacht leer oorspronkelijk vervaardigd van gemzenhuid, later van een bepaald deel van de huid van een schaap of lam
- Tegenwoordig wordt zeemleer vaak vervangen door synthetisch materiaal met vergelijkbare eigenschappen.
- Het woord zeemleer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zeemleer" herkend door:
| 88 % | van de Nederlanders; |
| 73 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ zeemleer op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 88 %
- Prevalentie Vlaanderen 73 %