zeeleven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zee·le·ven
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zeeleven -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zeeleven o

  1. de levensgemeenschap in zee en oceaan
    • De vervuiling bedreigt ook het zeeleven. 
  2. het leven en werken op zee
    • Ik mis het zeeleven. 

Meer informatie

Gangbaarheid