zandtaart

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zand·taart
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zandtaart zandtaarten
verkleinwoord zandtaartje zandtaartjes

Zelfstandig naamwoord

zandtaart v/m

  1. (voeding) een taart op basis van een zoet gebak met een korrelige structuur
    • Ik heb maar eens een zandtaart gebakken met aardbeien en andere vruchten. 
  2. een door kinderen, klein en groot, op het strand of in de zandbak uit zand gevormde taart
    • De kinderen zaten zandtaartjes te maken en gingen daarna even in zee. 
Afgeleide begrippen


Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.