zandde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zand·de

Werkwoord

vervoeging van
zanden

zandde

  1. enkelvoud verleden tijd van zanden
    • Ik zandde. 
    • Jij zandde. 
    • Hij, zij, het zandde.