zaling
Uiterlijk

- za·ling
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zaling | zalings zalingen |
| verkleinwoord | zalinkje | zalinkjes |
de zaling m
- (scheepvaart) een dwarshout (mogelijk van metaal of kunststof) in de mast dat dient om het staand want te spreiden
- Het dek kan worden verlicht met een lamp aan de zaling.
- Het woord zaling staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zaling" herkend door:
| 27 % | van de Nederlanders; |
| 19 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be