zakenbank

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • za·ken·bank
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zakenbank zakenbanken
verkleinwoord zakenbankje zakenbankjes

Zelfstandig naamwoord

zakenbank v/m

  1. een bankbedrijf dat zich toelegt op het verlenen van diensten aan het bedrijfsleven

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen