zákon

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Slowaaks

Zelfstandig naamwoord

zákon m

  1. (juridisch) wet; een door de overheid opgestelde regel
  2. (wetenschap) wet; vaste, op waarneming gegronde regel, waarmee een verschijnsel wordt verklaard
  3. (religie) wet; religieuze levensregels en voorschriften
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

Meer informatie


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • zá·kon
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

zákon monbezield

  1. (juridisch) wet; een door de overheid opgestelde regel
    «Zákon nabývá účinnosti dnem vyhlášení.»
    De wet treedt in werking op de dag van de bekendmaking.
  2. (wetenschap) wet; vaste, op waarneming gegronde regel, waarmee een verschijnsel wordt verklaard
    «Ceny se řídí zákonem nabídky a poptávky.»
    Prijzen volgen de wet van vraag en aanbod.
  3. (religie) wet; religieuze levensregels en voorschriften
    «Vyzná se v zákonech džungle.»
    Hij begrijpt de 'wetten van de jungle.
Verbuiging
Afkorting
Synoniemen
  1. ustanovení o, předpis monbezield
  2. princip monbezield
  3. norma v, zvyklost v, pravidlo o, princip monbezield, řád monbezield
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

Meer informatie

Verwijzingen