wonderboom
Uiterlijk

- Geluid: wonderboom (hulp, bestand)
- won·der·boom
- samenstelling van wonder en boom
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | wonderboom | wonderbomen |
| verkleinwoord | wonderboompje | wonderboompjes |
de wonderboom m
- (plantkunde) Ricinus communis
, een snelgroeiende boom van tropische oorsprong uit de wolfsmelkachtigen
- De zaden van de wonderboom zijn de bron van wonderolie.
- Het woord wonderboom staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.