wombat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wom·bat
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘buideldier’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1861 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord wombat wombats
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

wombat m

  1. buideldier van de familie van de wombats, uit de orde van de klimbuideldieren
Vertalingen

Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen