witwassen
Uiterlijk
- wit·was·sen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| witwassen |
waste wit |
witgewassen |
| zwak -t
gemengd |
volledig | |
witwassen
- overgankelijk een kwalijke zaak vergoelijkend trachten voor te stellen
- Die hele affaire is door de commissie witgewassen en de boosdoeners kunnen gewoon doorgaan met hun praktijken.
- overgankelijk (misdaad) (financieel) onwettig verkregen geld aan een schijnbaar legale herkomst helpen
- Oud-directielid gearresteerd op verdenking van oplichting en witwassen.
- overgankelijk zo grondig wassen dat het heldere, lichte kleur krijgt
- Dat hemd laat zich door de bloedvlekken nooit meer witwassen.
- [3] je kunt een oude moor niet witwassenje kunt iemands karakter op hoge leeftijd niet meer veranderen
- Het woord witwassen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "witwassen" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ witwassen op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-t) in het Nederlands
- Gemengd werkwoord in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Misdaad in het Nederlands
- Financieel in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %