Naar inhoud springen

wintergroen

Uit WikiWoordenboek
Een wintergroen
  • win·ter·groen
enkelvoud meervoud
naamwoord wintergroen wintergroenen
verkleinwoord wintergroentje wintergroentjes

hetwintergroeno

  1. (bloemplanten) benaming voor kruidachtige, groenblijvende planten uit het geslacht Pyrola op Wikispecies in de heidefamilie
stellend
onverbogen wintergroen
verbogen wintergroene
partitief wintergroens

wintergroen

  1. (bloemplanten) groen loof dragend dat niet afvalt
    • In het Middellandse Zeegebied komen veel wintergroene bomen en struiken voor.