Naar inhoud springen

wijsvinger

Uit WikiWoordenboek
Een Amor houdt een wijsvinger voor de mond van zijn schalks glimlachende gezicht (De dreigende Liefde van Étienne-Maurice Falconet) op Wikipedia (nl).
  • wijs·vin·ger
enkelvoud meervoud
naamwoord wijsvinger wijsvingers
verkleinwoord wijsvingertje wijsvingertjes

dewijsvingerm

  1. (anatomie) tweede vinger, gelegen tussen de middelvinger en de duim
    • Tijdens zijn volgende verlof was Cécile er dromerig en betoverd met het puntje van haar wijsvinger overheen gegaan, wat Alberts stemming er niet beter op had gemaakt. [1] 
     Ik veeg er met mijn wijsvinger over.[2]
     Bibi pakt met duim en wijsvinger het slotje van de rits.[2]
     Ik hoorde de songtekst nog steeds toen ik terugdacht aan de schouderklop die ik Joy op Sicilië ter afscheid gaf, waarbij ik heel even stiekem met mijn wijsvinger over haar zachte nekvel aaide.[2]
  • Met het wijsvingertje klaarstaan.
Iemand vermanen.
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[3]
  1. Lemaitre, Pierre
    "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 16
  2. 1 2 3
    Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be