wettelijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wet·te·lijk
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van wet met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e- [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen wettelijk wettelijker wettelijkst
verbogen wettelijke wettelijkere wettelijkste
partitief wettelijks wettelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

wettelijk

  1. in overeenstemming met de wet
    • Hier valt niet over te twisten, dit is een wettelijk besluit! 
  2. tot de wet behorend
    • Het besluit werd gemaakt volgens het wettelijke voorschrift. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen