westhoek
Uiterlijk
- west·hoek
- van Middelnederlands westhoec, op te vatten als samenstelling van west bw en hoek zn [1] [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | westhoek | westhoeken |
| verkleinwoord | westhoekje | westhoekjes |
de westhoek m
- deelgebied dat zich vanuit een plaats van meer betekenis vooral uitstrekt in de richting van de ondergaande zon
- In de westhoek van de stad ligt een groot park.
- Het woord westhoek staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.