werpmolen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

werpmolen
Uitspraak
Woordafbreking
  • werp·mo·len
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord werpmolen werpmolens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

werpmolen m [1]

  1. (visserij) de molen waarmee men de visdraad binnenhaalt bij een werphengel
Hyperoniemen

Gangbaarheid

66 % van de Nederlanders;
58 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen