werkwoordstijd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • werk·woords·tijd
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord werkwoordstijd werkwoordstijden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

werkwoordstijd m

  1. (taalkunde) in het Nederlands kennen we 8 verschillende werkwoordstijden
    • De tegenwoordige, verleden, en toekomende tijd zijn werkwoordstijden die we in het Nederlands kennen. 
Synoniemen
  1. werkwoordtijd

Meer informatie

Gangbaarheid