weite

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
  • IPA: /wɛɪtɐ/ (Etsbergs)
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
weite
wös
geweite
klasse 8 volledig

Werkwoord

weite

  1. weten
  2. kennen