Naar inhoud springen

weigeren

Uit WikiWoordenboek
  • wei·ge·ren
  • In de betekenis van ‘afwijzen’ voor het eerst aangetroffen in 1289 [1] [2]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
weigeren
weigerde
geweigerd
zwak -d volledig

weigeren [3]

  1. overgankelijk niet voldoen aan een verzoek of opdracht
    • Zij weigerden om dat te doen. 
     Stig, Andri en ik wagen het erop, terwijl Ommundsen en Tore weigeren om mee te gaan en liever op de vierde de wacht blijven houden voor het geval er iemand van beneden komt, en ik ben trots op Andri, dat hij nog niet naar huis is gegaan maar is gebleven, want hij is de aardigste van ons drieën, alleen niet de moedigste.[4]
     'Als jullie weigeren ons vijftig kinderen te geven, zullen we ze nemen.[5]
     'Als jullie weigeren ons vijftig kinderen te geven, zullen we ze nemen.[5]
  • Het vragen staat vrij, maar 't weigeren er bij
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[6]