wegstrepen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • weg·stre·pen
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van weg en streep met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
wegstrepen
streepte weg
weggestreept
zwak -t volledig

Werkwoord

wegstrepen

  1. overgankelijk iets elimineren door er een streep door te zetten
    • Hij had al een aantal zaken geregeld en streepte ze met een voldaan gevoel weg van zijn lijstje. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.