waterdicht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·dicht
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen waterdicht waterdichter waterdichtst
verbogen waterdichte waterdichtere waterdichtste
partitief waterdichts waterdichters -

Bijvoeglijk naamwoord

waterdicht

  1. ondoordringbaar voor water
  2. sluitende overeenkomst die geen mogelijkheid biedt voor ongewenste of onvoorziene interpretaties
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie