watercloset

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·clo·set
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord watercloset waterclosets
verkleinwoord waterclosetje waterclosetjes

Zelfstandig naamwoord

watercloset o

  1. een toiletpot met waterspoeling
    • Weet u misschien waar ik het watercloset kan vinden? 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
85 % van de Vlamingen.

Meer informatie