warrig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • war·rig
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van war met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen warrig warriger warrigst
verbogen warrige warrigere warrigste
partitief warrigs warrigers -

Bijvoeglijk naamwoord

warrig

  1. dat iemand niet meer helder kan denken zodat alles door elkaar loopt in zijn gedachten
    • Hij vertelde me een warrig verhaal waar ik niets van kon begrijpen. 
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.