wanordelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wan·or·de·lijk
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen wanordelijk wanordelijker wanordelijkst
verbogen wanordelijke wanordelijkere wanordelijkste
partitief wanordelijks wanordelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

wanordelijk

  1. ongeordend of slecht geordend
    • Het was Richard Kriwacki van het Scripps Research Institute in La Jolla die voor het eerst de wanordelijke structuur van een heel eiwit liet zien. In 1996 maakte hij NMR-spectra van het eiwit p21. Het eiwit speelt een centrale rol bij de regulatie van de celdeling en een foutje in het eiwit is vaak mede de oorzaak van het ontstaan van kanker.[2] 
    • De Hongaarse cameravrouw die werd gefilmd terwijl zij vluchtelingen liet struikelen, is veroordeeld tot drie jaar voorwaardelijke celstraf voor wanordelijk gedrag.[3] 
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC H. Dassen 18 juni 2011
  3. NRC J. Benjamin 13 januari 2017