wandelverenigingetje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wan·del·ver·eni·gin·ge·tje

Zelfstandig naamwoord

wandelverenigingetje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord wandelvereniging

Gangbaarheid