waartussen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • waar·tus·sen
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     tussen  
 persoonlijk     ertussen  
aanwijz.   nabij     hiertussen  
  veraf     daartussen  
  vragend/betrekk.     waartussen  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
waartussen

  1. vragend: tussen wat?, tussen welk?
    • Waartussen zat dat verstopt? 
  2. betrekkelijk: tussen wat, tussen hetwelk
    • Dit zijn de huizen waartussen de bomen geplant worden. 

Gangbaarheid