waarachter

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • waar·ach·ter
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     achter  
 persoonlijk     erachter  
aanwijz.   nabij     hierachter  
  veraf     daarachter  
  vragend/betrekk.     waarachter  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
waarachter

  1. vervangt achter wat, achter welke
    • Waarachter woont een aardige meneer? 

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
83 % van de Vlamingen.