vuurvast

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vuur·vast
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen vuurvast vuurvaster (vuurvastst) *
verbogen vuurvaste vuurvastere (vuurvastste) *
partitief vuurvasts vuurvasters -

Bijvoeglijk naamwoord

vuurvast

  1. bestand tegen vuur zonder dat het materiaal daardoor degenereert
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving "meest vuurvast(e)" worden gebruikt.[2][3]
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen