vuurtoren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een vuurtoren.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vuur·to·ren
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vuurtoren vuurtorens
verkleinwoord vuurtorentje vuurtorentjes

Zelfstandig naamwoord

vuurtoren m

  1. (scheepvaart) een hoog lichtbaken aan de kust
    • De vuurtoren blijkt onbewoond te zijn. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie