vuurkei

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vuur·kei
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vuurkei vuurkeien
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vuurkei m [1]

  1. m: een steen gebruikt om vonken voort te brengen
    • Ja, zij wisten dat het eene vuurkei was (of vuurka, mv. vuurkaren, zooals ze te Alsemberg zeggen), dienende vroeger, toen de fosforkens nog niet waren uitgevonden, om er vuur uit te ketsen in de geweerpan en bij den huiselijken heerd. [2] 
Synoniemen


Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
84 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Verslagen en mededelingen van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde 1902 Eene neolithische standplaats te Alsemberg ontdekt in 1901.