Naar inhoud springen

vroes

Uit WikiWoordenboek
  • vroes

vroes

  1. (Vroegnieuwnederlands) vroor
      Ys een ton dick vroes op eenen nacht.[2]
  1. Bronlink geraadpleegd op 13 augustus 2025 Weblink bron
    L. Koelmans
    “Inleiding tot het lezen van zeventiende-eeuws Nederlands.” (1978), Bohn, Scheltema & Holkema, Utrecht, ISBN 9031303550, p. 23
  2. Bronlink geraadpleegd op 13 augustus 2025 Weblink bron “De kroniek van Godevaert van Haecht over de troebelen van 1565 tot 1574 te Antwerpen en elders. Deel 1.” (1929), De Sikkel, Antwerpen, p. 5, 2e margenoot