vrijlaten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vrij·la·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vrijlaten
liet vrij
vrijgelaten
klasse 7 volledig

Werkwoord

vrijlaten

  1. overgankelijk toestaan om uit gevangenschap weg te gaan
    • De Egyptische betogers zijn inmiddels weer vrijgelaten. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.