vriezer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vrie·zer
enkelvoud meervoud
naamwoord vriezer vriezers
verkleinwoord vriezertje vriezertjes

Zelfstandig naamwoord

vriezer m

  1. een toestel bedoeld om voedingsmiddelen in bevroren toestand gebracht, te bewaren
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Gangbaarheid
99 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie