vriezen/vervoeging
Uiterlijk
| vervoeging van de bedrijvende vorm van vriezen | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| onbepaalde wijs | kort | lang | |||||||||
| onvoltooid | tegenwoordig | vriezen | te vriezen | ||||||||
| toekomend | zullen vriezen | te zullen vriezen | |||||||||
| voltooid | tegenwoordig | hebben[1]/zijn[2] bevroren | te hebben[3]/zijn[4] bevroren | ||||||||
| toekomend | bevroren zullen hebben[5]/zijn[6] | bevroren te zullen hebben[7]/zijn[8] | |||||||||
| onvoltooid deelwoord | voltooid deelwoord | gebiedende wijs | aanvoegende wijs | ||||||||
| vriezend | bevroren | ev. vries | mv. verouderd vriest | gevroren | |||||||
| aantonende wijs | enkelvoud | meervoud | |||||||||
| onvoltooid | eerste | tweede | derde | eerste | tweede | derde | |||||
| ik | jij, je | u | gij, ge | hij, zij, het | wij, we | jullie | zij, ze | ||||
| tegenwoordig (o.t.t.) | vries | vriest | vriest | vriest | vriest | vriezen | vriezen | vriezen | |||
| verleden (o.v.t.) | vroor | vroor | vroor | vroort | vroor | vroren | vroren | vroren | |||
| toekomend (o.t.t.t.) | zal vriezen | zult/zal vriezen | zult/zal vriezen | zult vriezen | zal vriezen | zullen vriezen | zullen vriezen | zullen vriezen | |||
| voorwaardelijk (o.v.t.t.) | zou vriezen | zou vriezen | zou(dt) vriezen | zoudt vriezen | zou vriezen | zouden vriezen | zouden vriezen | zouden vriezen | |||
| voltooid | eerste | tweede | derde | eerste | tweede | derde | |||||
| ik | jij, je | u | gij | hij, zij, het | wij | jullie | zij | ||||
| onpersoonlijke lijdende vorm bevroren worden | |||||||||||
| onvoltooid | voltooid | ||||||||||
| tegenwoordig | er wordt bevroren | er is bevroren | |||||||||
| verleden | er werd bevroren | er was bevroren | |||||||||
| toekomend | er zal bevroren worden | er zal bevroren zijn | |||||||||
| voorwaardelijk | er zou bevroren worden | er zou bevroren zijn | |||||||||
| lijdende vorm bevroren worden | |||||||||||
| onbepaalde wijs | kort | lang | |||||||||
| onvoltooid | tegenwoordig | bevroren worden | bevroren te worden | ||||||||
| toekomend | bevroren zullen worden | bevroren te zullen worden | |||||||||
| voltooid | tegenwoordig | bevroren zijn | bevroren te zijn | ||||||||
| toekomend | bevroren zullen zijn | bevroren te zullen zijn | |||||||||
| enkelvoud | meervoud | ||||||||||
| onvoltooid | eerste | tweede | derde | eerste | tweede | derde | |||||
| ik | jij, je | u | gij | hij, zij, het | wij | jullie | zij | ||||
| tegenwoordig (o.t.t.) | word bevroren | wordt bevroren | wordt bevroren | wordt bevroren | wordt bevroren | worden bevroren | worden bevroren | worden bevroren | |||
| verleden (o.v.t.) | werd bevroren | werd bevroren | werd bevroren | werdt bevroren | werd bevroren | werden bevroren | werden bevroren | werden bevroren | |||
| toekomend (o.t.t.t.) | zal bevroren worden | zult bevroren worden | zult bevroren worden | zult bevroren worden | zal bevroren worden | zullen bevroren worden | zullen bevroren worden | zullen bevroren worden | |||
| voorwaardelijk (o.v.t.t.) | zou bevroren worden | zou bevroren worden | zou/zoudt bevroren worden | zoudt bevroren worden | zou bevroren worden | zouden bevroren worden | zouden bevroren worden | zouden bevroren worden | |||
| voltooid | eerste | tweede | derde | eerste | tweede | derde | |||||
| ik | jij, je | u | gij | hij, zij, het | wij | jullie | zij | ||||
| tegenwoordig (v.t.t.) | ben bevroren | bent bevroren | bent/is bevroren | zijt bevroren | is bevroren | zijn bevroren | zijn bevroren | zijn bevroren | |||
| verleden (v.v.t.) | was bevroren | was bevroren | was bevroren | waart bevroren | was bevroren | waren bevroren | waren bevroren | waren bevroren | |||
| toekomend (v.t.t.t.) | zal bevroren zijn | zult bevroren zijn | zult bevroren zijn | zult bevroren zijn | zal bevroren zijn | zullen bevroren zijn | zullen bevroren zijn | zullen bevroren zijn | |||
| voorwaardelijk (v.v.t.t.) | zou bevroren zijn | zou bevroren zijn | zou/zoudt bevroren zijn | zoudt bevroren zijn | zou bevroren zijn | zouden bevroren zijn | zouden bevroren zijn | zouden bevroren zijn | |||