Naar inhoud springen

vriend

Uit WikiWoordenboek
  • vriend
  • In de betekenis van ‘kameraad’ voor het eerst aangetroffen in 1100 [1]
  • Eigenlijk tegenwoordig deelwoord van vrijen (liefhebben).[2]
enkelvoud meervoud
naamwoord vriend vrienden
verkleinwoord vriendje vriendjes

devriendm

  1. (sociologie) een persoon met wie je een speciale, vriendschappelijke, persoonlijke band hebt
    • Mijn vrienden komen op mijn verjaardag. 
     Als ik bijvoorbeeld met mijn gezin op vakantie was of met een groep vrienden een weekendje weg ging, waren de verantwoordelijkheden gedeeld.[3]
     In een begeleidend citaat vertelt Muskee dat ze dixieland speelden op VVD-feestjes voor mensen met een clubsjaal en glazen sherry in de hand - niet leuk, een beetje oubollig. Hij stapte spoedig over naar The Rocking Strings, dat Shadows-achtige rock & roll speelde, compleet met pakjes en pasjes. Ze hadden een heel talentvolle gitarist, Muskees vriend Eelco Gelling.[4]
  2. (sociologie) de mannelijke persoon met wie je verkering hebt; de mannelijke persoon met wie je een liefdesrelatie hebt
    • Ik wilde mijn vriend vragen om dit te repareren, maar hij was er niet. 
     Misschien nog ingewikkelder was het toen het uitging met mijn oudste dochter en haar vriendje.[3]
  3. (informeel), (pejoratief) ironische manier om iemand aan te spreken met wie men juist niet op goede voet staat
    • Beste vriend, dat gaat zomaar niet! 
  • Vrienden in nood, honderd in een lood
wanneer er zich problemen voortdoen laten vrienden je vaak in de steek
  • Dikke vrienden
Stoett-426 [5]
  • In de nood leert men zijn vrienden kennen
als je in moeilijkheden zit merk je wie echt je vriend is
  • Leven als vrienden en rekenen als vijanden
vriendelijk met elkaar omgaan uit een soort van formaliteit maar eigenlijk helemaal niet zo op elkaar gesteld zijn
  • U aller vriend
  • Even goede vrienden!
Gezegd wanneer men geen wrok of anderszins negatieve gevoelens bij iets heeft (of dat althans niet wil laten merken)
  • Een goede buur is beter dan een verre vriend.
Als je rechtstreeks hulp nodig hebt, heb je meer aan mensen in je nabije omgeving dan aan personen op grote afstand (ook al zijn die laatsten dan je vrienden).
99 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[6]
  1. "vriend" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. vriend op website: Etymologiebank.nl
  3. 1 2
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  4. Bronlink geraadpleegd op 11 mei 2025 Weblink bron “Window of my eyes: Harry Muskee en de verloren tijd” (zaterdag 16 januari 2016, 13:44), NOS
  5. www.dbnl.org
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be