vredevol

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vre·de·vol
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen vredevol vredevoller vredevolst
verbogen vredevolle vredevollere vredevolste
partitief vredevols vredevollers -

Bijvoeglijk naamwoord

vredevol

  1. met veel vrede
    Het was een rustige vredevolle camping waar de oudere mensen naar toegingen.
    Het leger kwam met vredevolle bedoelingen naar het rampgebied om de inwoners te redden van de dood.