vormsel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vorm·sel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vormsel vormsels
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

vormsel o

  1. (religie) (christendom) sacrament waardoor een gedoopte de kracht van de Heilige Geest ontvangt om zijn geloof standvastig te kunnen belijden
    • De meeste kinderen worden gedoopt als ze een baby zijn en doen hun eerste heilige communie als ze zeven of acht jaar zijn. De gebruikelijke leeftijd om het vormsel te ontvangen is twaalf of dertien jaar. [2]
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen