voorwerken
Uiterlijk
- Geluid: voorwerken (hulp, bestand)
- voor·wer·ken
- samenstelling van voor en werken
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| voorwerken |
werkte voor |
voorgewerkt |
| zwak -t | volledig | |
voorwerken [1]
- werkzaamheden verrichten ter voorbereiding op de eigenlijke bewerking
de voorwerken mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord voorwerk
- Het woord voorwerken staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-t) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal