voorruit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: vooruit


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voor·ruit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord voorruit voorruiten
verkleinwoord voorruitje voorruitjes

Zelfstandig naamwoord

voorruit v / m

  1. glazen vlak aan de voorkant van een voertuig dat zorgt voor zicht op de weg en bescherming tegen weer en wind
    • Door steenslag zat er een barst in de voorruit van de auto. 
Antoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be