volslank

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
1. slank met ronde vormen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vol·slank
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen volslank volslanker volslankst
verbogen volslanke volslankere volslankste
partitief volslanks volslankers -

Bijvoeglijk naamwoord

volslank

  1. slank met ronde vormen
    • Eimers begint energiek, lichtvoetig, swingend met haar volslanke lijf. [4]
  2. (eufemisme) gezet, dik
    • Een vrolijke, volslanke, vrouwelijke collega, niet zonder zelfspot, voelde duidelijk enige weerstand om met haar volle gewicht op haar ballon te gaan zitten. [5]
Antoniemen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[6]

Verwijzingen