volkorenbrood
Uiterlijk

- vol·ko·ren·brood
- Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘brood van ongebuild meel’ voor het eerst aangetroffen in 1951 [1]
- samenstelling van volkoren en brood [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | volkorenbrood | volkorenbroden |
| verkleinwoord | volkorenbroodje | volkorenbroodjes |
het volkorenbrood o
- (voeding) brood waarin alles van de graankorrel verwerkt wordt
1. brood van meel met zemelen
- Het woord volkorenbrood staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "volkorenbrood" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "volkorenbrood" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ volkorenbrood op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be