voleur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

  enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
mannelijk   voleur     le voleur     voleurs     les voleurs  
vrouwelijk   voleuse     la voleuse     voleuses     les voleuses  

Zelfstandig naamwoord

voleur m

  1. dief
    Un voleur a complètement vidé ma maison.Een dief heeft mijn huis helemaal leeggeroofd.