vogeltje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vo·gel·tje

Zelfstandig naamwoord

vogeltje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord vogel

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.