vogelkers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Vogelkersbloesem

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vo·gel·kers
Woordherkomst en -opbouw
  • Genoemd naar zijn kersachtige vruchten die wel door vogels maar niet door de mens gegeten worden. [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord vogelkers vogelkersen
verkleinwoord vogelkersje vogelkersjes

Zelfstandig naamwoord

vogelkers v/m

  1. (plantkunde) Prunus padus op Wikispecies een boomsoort die in West-Europa thuishoort
    • Die vogelkersen staan prachtig in bloei. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.

Meer informatie

  • vogelkers op website: Etymologiebank.nl