voedster

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voed·ster
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord voedster voedsters
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

voedster v [2]

  1. vrouw die voedt (zoogt)
  2. (beroep) een vrouw die tegen betaling een vreemd kind zoogt, een min
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal