voeden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voe·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
voeden
voedde
gevoed
zwak -d volledig

Werkwoord

voeden [1]

  1. overgankelijk van voedsel voorzien
  2. (techniek) overgankelijk een systeem voorzien van invoer zodat werking mogelijk wordt
  3. (figuurlijk) overgankelijk aanzetten, aansporen
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandse taal