Naar inhoud springen

vleermuizen

Uit WikiWoordenboek
Corynorhinus townsendii
  • vleer·mui·zen
  •  vleermuis zn  met de uitgang -en, waarbij de slotmedeklinker weer stemhebbend wordt
enkelvoud meervoud
naamwoord vleermuizen
verkleinwoord

devleermuizenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vleermuis
  2. meervoudsvorm als officiële benaming (zoogdieren) een orde Chiroptera op Wikispecies van kleine zoogdieren die zich actief door de lucht kunnen voortbewegen. Deze dieren hebben vleugels die bestaan uit een vlieghuid, opgespannen tussen de vingers van hun voor- en achterpoten en hun staart. De kleinste soorten zijn 2,9 tot 3,4 centimeter lang, wegen 2,0 tot 2,9 gram en hebben een spanwijdte van 15 centimeter; de grootste soorten (vleerhonden) wegen 1,6 kilogram en hebben een spanwijdte van 1,7 meter. Wereldwijd zijn er ruim 1200 soorten beschreven
     echolocatie ~ oriëntatie in de ruimte op geleide van de terugkaatsing van uitgezonden geluidsgolven, die vleermuizen zelf voortbrengen[1]
     Het was inmiddels schemerig en uit het kreupelhout onder in de vallei vlogen de eerste vleermuizen op.[2]
  1. Louw Feenstra V
    “Zintuigen” (2016), Amsterdam University Press op Wikipedia, ISBN 9789048529421
  2. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704