vlakogig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vlak·ogig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van vlak en oog met het achtervoegsel -ig
stellend
onverbogen vlakogig
verbogen vlakogige

Bijvoeglijk naamwoord

vlakogig

  1. met aan de oppervlakte liggende ogen

Gangbaarheid