vino

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Italiaans

enkelvoud meervoud
vino vini

Zelfstandig naamwoord

vino m

  1. wijn


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • vi·no
enkelvoud meervoud
vino vinos

Zelfstandig naamwoord

vino m

  1. (drinken) wijn

Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
venir

vino

  1. derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito indefinido) van venir