vierhoek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vier·hoek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vierhoek vierhoeken
verkleinwoord vierhoekje vierhoekjes

Zelfstandig naamwoord

vierhoek m

  1. (wiskunde) een geometrische tweedimensionale vorm, bestaande uit vier hoeken en derhalve ook vier zijden
Hyperoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Gangbaarheid
95 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie