vibe
Uiterlijk
- vibe
- vi·be (aanvoegende wijs)
- uit het Engels [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | vibe | vibes |
| verkleinwoord |
de vibe m
- (goede) sfeer
- ▸ Rond een beursgang is het belangrijk dat de vibe goed is, zegt Van Zeijl. "Beleggers krijgen dan het gevoel dat ze over elkaar heen buitelen om die aandelen te bemachtigen. Dat was hier precies omgekeerd. Dan vragen beleggers zich af of ze wel moeten kopen."[2]
- ▸ "We hoeven ons geen zorgen meer te maken: hij is in goede handen, veilig. En ik denk dat daarmee onze EK-vibe ook langzaam terugkomt."[3]
- ritme, trilling
- We betreden een post-lineair tijdperk, waarin niet langer de logische of feitelijke consistentie van een argumentatielijn, maar authenticiteit en vibe gezag afdwingen en bepalen wat echt en waar is. [4]
| vervoeging van |
|---|
| viben |
vibe
- Het woord vibe staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ vibe op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Weblink bron “Beursgang Deliveroo 'een flop', komt er meer ethiek op de beurs?” (31-03-2021), NOS - ↑
Weblink bron Eline de Zeeuw“Denemarken moet door: 'Als Eriksen zijn ploeg kan toejuichen, kunnen wij dat ook'” (17 JUNI 2021), NOS - ↑ www.nrc.nl (27 feb 2025)